Vanallesvoorhetonderwijs.nl

       

Van alles voor het onderwijs - Blog

Minder vakken voortgezet onderwijs

Reageren uitgeschakeld

Minder vakken voortgezet onderwijs

vrijdag 5 sep 2014, nos.nl
Minder vakken, meer ruimte voor verdieping

Minder vakken, meer ruimte voor verdiepingANP

Leerlingen in het voorgezet onderwijs krijgen in de toekomst minder vakken. Leraren worden naast het lesgeven met minder taken belast. Zo komt er weer meer tijd en aandacht voor onderwijs. Die suggesties vanuit het onderwijs worden door een meerderheid in de Tweede Kamer gesteund.

Een initiatiefgroep van negen docenten en onderwijsspecialisten heeft een lijst van 11 punten opgesteld.

Ze pleiten onder meer ook voor strengere toelatingseisen tot de lerarenopleidingen. Verder moeten scholen zich minder richten op het toetsen van leerlingen en zich meer inspannen om het onderwijs te verbeteren. Leraren moeten hierin zelf een belangrijke rol gaan spelen.

Sterke beroepsgroep

Rene Kneyber, een van de initiatiefnemers: “We hebben zelf de sleutel in handen om het onderwijs te verbeteren. Waar vakbonden kiezen voor sterk boe-geroep, kiezen wij voor een sterke beroepsgroep”.

Kneyber: “Het vak leraar moet meer exclusiviteit krijgen. Strengere eisen voor de lerarenopleiding, een aantrekkelijk carrièrepad en meer ruimte en verantwoordelijkheden voor docenten zijn daarvoor noodzakelijk. Waar dat nog niet gebeurt, moeten leraren elkaars lessen gaan bezoeken, samen lessen voorbereiden, leerdoelen formuleren met werkgevers en elkaar feedback geven om samen van te leren. Zo wordt een verbetercultuur op scholen tot stand gebracht”.

VVD en PvdA zijn enthousiast over de plannen en zullen met voorstellen komen.

8 september 2014 |

“Verkeerslessen schieten tekort”

Reageren uitgeschakeld

“Verkeerslessen schieten tekort”

dinsdag 2 sep 2014, 06:00 (Update: 02-09-14, 08:11), site NOS.nl
De verkeerslesprogramma's worden niet getoetst op effectiviteit

De verkeerslesprogramma’s worden niet getoetst op effectiviteitANP

De verkeerslessen die jongeren krijgen op de basisschool zijn niet effectief genoeg. Zo dreigen jongeren tussen de 10 en 17 jaar onveilige keuzes te maken in het verkeer. Dat staat in een onderzoek van gedragswetenschapper Divera Twisk van Stichting Wetenschappelijk Onderzoek Verkeersveiligheid (SWOV).

Volgens Twisk, die vrijdag promoveert, is het grootste probleem dat verkeerslesprogramma’s niet worden getoetst op effectiviteit. “Hierdoor kan iedereen een gelikt programma in elkaar zetten en dat aan een school verkopen. Maar of dat lesprogramma werkt, is maar de vraag.”

Als voorbeeld geeft Twisk het gevaar van de dode hoek: “Ze hebben er wel over geleerd, weten waar die zit bij vrachtwagens, maar als ze in het verkeer komen en ze moeten het voor het echie doen, weten ze niet wat verstandige keuzes zijn.”

Ouders

Volgens Twisk gaan ouders er ten onrechte van uit dat hun kinderen complexe verkeerssituaties aankunnen. De ouders houden zich daarbij vast aan het feit dat verkeerseducatie een verplicht vak is op de basisschool. “Maar ondanks het feit dat er veel verschillende verkeersprogramma’s zijn, zijn jongeren onvoldoende in staat veilig keuzes te maken in het verkeer. Dat komt omdat er nog te weinig bekend is over de verkeersveiligheid van jonge adolescenten.”

Toetsen

Twisk pleit ervoor om programma’s, voordat ze worden ingevoerd, te toetsen op effectiviteit. “Bovendien moeten educatieprogramma’s zich meer richten op oefenen in de praktijk, want dat gebeurt nu te weinig.”

2 september 2014 |

Investering tot €1,2 miljard in onderwijs

Reageren uitgeschakeld

Nu afspraken over investering tot €1,2 miljard in onderwijs

De afspraken die zijn gemaakt in het primair en voortgezet onderwijs en het middelbaar beroepsonderwijs over vernieuwing en verbetering van het onderwijs leveren in totaal een investering oplopend tot structureel €1,2 miljard op. Een belangrijk deel hiervan gaat naar de professionele ontwikkeling van leraren.

Leraar en leerling op de RDM Campus in Rotterdam

Opgeteld met de middelen die vrijkomen uit het studievoorschot loopt de investering op tot maximaal €2,2 miljard. Dat schrijven minister Bussemaker en staatssecretaris Dekker aan de Tweede Kamer.

Op scholen gebeurt al veel om het onderwijs te verbeteren maar de beweging om over de volle breedte de stap te zetten van goed naar excellent onderwijs komt nog niet voldoende op gang. Onderwijs is zo goed als de man of vrouw voor de klas. Investeren in de ontwikkeling van docenten is dus een investering in de toekomst.

In de zogeheten sectorakkoorden en de cao’s in het po, vo en mbo is afgesproken dat er meer tijd, geld en ruimte komt voor leraren om zich te ontwikkelen. Leraren krijgen ook meer mogelijkheden om te leren van elkaar (peer review). Alle beginnende leraren krijgen goede begeleiding door een coach en extra tijd om zich in het vak te bekwamen.

Persoonlijk budget

Docenten krijgen een persoonlijk budget. Voor leraren in het po is dit €500 per fte per jaar en twee klokuren per week. Voor docenten in het vo is het 5% van het aantal uren dat een fulltimer jaarlijks werkt en €600. Docenten in het mbo krijgen 59 uur per jaar voor individuele scholing. Dit geld komt bovenop de bestaande middelen voor professionalisering die in de praktijk vaak worden ingezet voor teamscholing.

Ook is afgesproken dat het opleidingsniveau van docenten per sector omhoog moet. In 2020 moet

30% van de leraren in het po een wo-bachelor of een hbo of wo-master hebben afgerond. Dat is nu 18,6%. In het vo geldt dat het aantal leraren met een hbo- of wo-master in 2020 is gestegen van 37% naar de helft. Het aantal docenten in de bovenbouw van het vwo moet in 2020 van 60% naar 80-85%. In het hbo moet in 2016 acht op de tien docenten een master- of Phd-graad hebben.

Toptalenten en excellentie

Er komt geld beschikbaar zodat scholen toptalenten meer kunnen uitdagen en belonen. Het wordt mogelijk gemaakt dat leraren uit het voortgezet onderwijs les kunnen geven op de basisschool. Zo kunnen zij verrijking en verdieping bieden aan basisschoolleerlingen die extra uitdaging nodig hebben. In het vo wordt het voor scholen mogelijk om leerlingen in een aantal vakken eerder examen te laten doen of een vijfjarig vwo aan te bieden. In het mbo krijgt excellentie vorm in programma’s naast het reguliere curriculum, waarin selecte groepen studenten worden uitgedaagd om opdrachten aan te pakken die verder gaan dan vereist is voor het behalen van het mbo-diploma. Ook komen er naschoolse programma’s, waarin excellente studenten de kans krijgen om zich met hulp van topcoaches uit de branche te ontwikkelen tot het niveau van ‘meester’. In het hoger onderwijs kunnen toptalenten deelnemen in excellentie-programma’s en University Colleges.

Minister Bussemaker: ‘Met deze investering maken we ons onderwijs echt beter. Een substantieel deel wordt ingezet om leraren beter te maken. Want als zij beter worden, krijgen onze kinderen beter onderwijs. Op termijn heeft de hele samenleving daar profijt van.’

Staatssecretaris Dekker: ‘Als ik kritisch naar het onderwijs kijk, zie ik twee punten waar nog winst te behalen is: de professionalisering van de leraar en aandacht voor toptalenten en excellentie. Ik ben dan ook heel blij dat we op deze gebieden hele concrete afspraken hebben kunnen maken met de sectoren.’

‘Er rust een grote verantwoordelijkheid bij de scholen om de extra middelen te investeren in de kwaliteit van het onderwijs. We zien daar op toe’, aldus Bussemaker. In 2017 wordt gekeken of er in het funderend onderwijs voldoende voortgang is geboekt. Zonodig wordt dan bijgestuurd. In het mbo en hoger onderwijs worden en zijn afspraken gemaakt met individuele instellingen, die daarop ook worden afgerekend.

‘Waar het op veel terreinen een tandje minder moet, investeren we bewust fors in ons onderwijs. Het is nu aan leraren en schoolleiders om te laten zien dat er resultaten worden geboekt , ‘aldus Dekker.

Modernisering

In de cao’s zijn afspraken gemaakt over de modernisering van de arbeidsvoorwaarden. Zo worden de bestaande ouderenregelingen (bapo) afgebouwd en vervangen door regelingen die de participatie en kwaliteit vergroten. Hiermee loopt het onderwijs voorop in de publieke sector. Ook is er meer ruimte voor individuele keuzes van werknemers. Leraren in het po bijvoorbeeld kunnen op alle leeftijden gebruik maken van een budget voor duurzame inzetbaarheid dat ze kunnen besteden aan peer review, studieverlof en coaching.

Een deel van de €1,2 miljard gaat naar behoud van werkgelegenheid en vermindering van werk- en lastendruk. Zo kunnen met de beschikbare middelen 1200 voltijds conciërges en klassenassistenten worden aangesteld en kunnen er 3000 jonge docenten aan het werk gehouden worden.

De afspraken vloeien onder andere voort uit het Nationaal Onderwijsakkoord dat vorig jaar werd gesloten met onderwijsbonden en -sectororganisaties. Naast de €1,2 miljard wordt met de introductie van het studievoorschot ook nog eens een bedrag oplopend tot €1 miljard vrijgemaakt voor investeringen in de kwaliteit van het hoger onderwijs.

1 september 2014 |

Toch geld voor vernieuwende leerkrachten

Reageren uitgeschakeld

Toch geld voor vernieuwende leraren

45 nieuwe Onderwijs Pioniers aan de slag met eigen innovatieve onderwijsideeën

Vernieuwende ideeën om ICT beter in te zetten in de klas, zoals ‘Flipping the classroom’ of het starten van een ‘Virtual Community of Practice’, een intranet speciaal voor leraren. Zo’n 45 leraren mogen hun idee om het onderwijs op hun school te vernieuwen of te verbeteren in praktijk gaan brengen. De leraren krijgen extra geld en ondersteuning om hun plannen al dit schooljaar in gang te zetten. Het ministerie van OCW stelt daarvoor een bedrag van €150.000 beschikbaar aan leraren om hun plannen te ontwikkelen en op hun school te realiseren. Volgens minister Jet Bussemaker en staatssecretaris Sander Dekker moeten meer bevlogen leraren de ruimte en ondersteuning krijgen om hun eigen werkomgeving, de school en het onderwijs als geheel, te verbeteren. Het beste idee komt in aanmerking voor de Onderwijs Pionierstrofee.

Ruimte voor vernieuwing van leraren zelf

Tot 1 juni 2014 konden basisschoolleraren of leraren uit het voortgezet onderwijs met een goed idee op zak zich aanmelden. Uit de ingediende plannen blijkt dat veel leraren kansen zien om beter samen te werken, kennis te delen, of meer ondernemerschap in het onderwijs te brengen. Volgens minister Bussemaker en staatssecretaris Dekker is het belangrijk dat meer leraren de vrijheid krijgen om vernieuwing op hun school in gang te zetten. “Er staat ongelofelijk veel talent voor de klas. Het is zonde als goede ideeën binnen de muren van het klaslokaal blijven hangen. Want van goede plannen, daar wordt het hele onderwijs beter van. Het project Onderwijs Pioniers daagt leraren uit en maakt het beroep aantrekkelijker. Belangrijkste winst is natuurlijk dat leerlingen beter onderwijs krijgen.”

Uitwisseling van ideeën

De initiatiefnemers van de geselecteerde ideeën ontvangen een budget (variërend van 3.500 tot 5.000 euro) om naar eigen inzicht te besteden, zolang de besteding maar bijdraagt aan het realiseren van hun idee. Het geld kan bijvoorbeeld besteed worden aan vervanging voor de klas, het inhuren van externe expertise of materiële kosten. De Pioniers worden in een netwerk aan elkaar verbonden om ook tussen de Pioniersdagen door kennis en ervaringen uit te wisselen. De Pioniers worden bovendien begeleid door een coach. Meer informatie is te vinden op www.onderwijspioniers.nl

Lerarenagenda

In oktober 2013 presenteerden minister Bussemaker en staatssecretaris Dekker de Lerarenagenda: 2013-2020. De agenda kwam samen met leraren tot stand. Belangrijke thema’s in de agenda zijn onder andere groei en ontwikkeling van leraren, betere begeleiding van beginnende leraren en de verbetering van de kwaliteit van lerarenopleidingen.

1 september 2014 |

Leuk stukje over werkwoordspelling

Reageren uitgeschakeld

Zwakke werkwoorden overlieven dankzij krachttraining

‘Succesvolle strategie moet opnieuw worden toegepozen’

Door  en  • zaterdag 15 maart 2014

Zwakke werkwoorden moeten door middel van krachttraining worden verstorken, stiel een werkgroep onder leiding van emeritus hoogleraar taaldefensie Otto de Bree op een drukbezochte persconferentie over het beschermen van bedregen woordsoorten. De Nederlandse taal dient zich te bewapenen om de confrontatie met infiltrerende talen succesvol te doorstaan, beargumentoer professor De Bree.

De werkgroep loog een link met het verleden: “In de woelige tijd rond de Eerste Wereldoorlog sniefen in Europa vele talen doordat ze inherent weerloos waren”, aldus de hoogleraar. “In de jaren ’20 hoer je daar niemand over, maar verstork de Nederlandse regering in nauwe samenwerking met taalstrategen in stilte een aantal cruciale werkwoorden, waardoor onze spraak persistoer. Dat work toen, dus genoeg reden om dezelfde strategie nu opnieuw toe te passen en het aantal sterke werkwoorden dramatisch uit te breiden.”

In een krachtige monoloog ees De Bree daarom nog vóór 2018 een plan van aanpak van de regering om het Nederlandse taaldomein intrinsiek weerbaar te maken. De hoogleraar is echter sceptisch over de kansen. “Den Haag lijkt blind voor de verzwakking van de Nederlandse taal. Ik vrees dat het ergste leed nog niet is gelijd.”

3 juni 2014 |

Staatsexamen populairder in speciaal onderwijs

Reageren uitgeschakeld

Staatsexamen populairder in speciaal onderwijs

DEN HAAG -Hoewel de overheid graag wil dat er ook in het speciaal onderwijs meer ‘gewone’ examens worden gedaan, doen steeds meer jongeren met een beperking het staatsexamen.
Leerlingen van De Olivijn, een basisschool voor speciaal onderwijs in Almere.
Foto: De Telegraaf

In 2010 deden zo’n 2000 leerlingen in het voortgezet speciaal onderwijs (vso) staatsexamen. Deze week maakten 3600 vso-leerlingen hun staatsexamen, blijkt volgens dagblad Trouw uit cijfers van het College voor Examens (CvE). Het staatsexamen geeft deelnemers de mogelijkheid uitgesmeerd over maximaal tien jaar certificaten voor vakken te halen, die uiteindelijk samen een geldig vmbo-, havo- of vwo-diploma vormen.

Oorzaak van de stijging is volgens het Landelijk Expertise Centrum Speciaal Onderwijs (Lecso) en het ministerie van Onderwijs de investering van de overheid in kwaliteit van vso-scholen de afgelopen jaren.

uit de Telegraaf 30-5-2014

30 mei 2014 |

Mannen voor de klas

Reageren uitgeschakeld

Mannen voor de klas

Er moeten meer mannen voor de klas, zegt het overgrote gedeelte van de ouders met kinderen in het basisonderwijs. Zij vinden het een slechte zaak dat het basisonderwijs een vrouwenbolwerk is geworden. Slechts 15 procent van de leerkrachten is man en dat worden er steeds minder. „Het onderwijs zou een afspiegeling moeten zijn van de maatschappij. Die bestaat toch ook niet alleen uit vrouwen?”

Kinderen hebben verschillende rolmodellen nodig voor een stabiele en goede ontwikkeling. Nu ontbreekt dat. Mannen kijken anders tegen het onderwijs aan. Ze zijn wat vrijer in gebruik van methoden, kijken meer naar de individuen. Mannen in het onderwijs staan over het algemeen ook bekend om het feit dat ze niet zo tuttig zijn. Ze zijn wat gemakkelijker en ‘pamperen’ niet gelijk. Een voorbeeld uit de praktijk. Kinderen zijn aan het voetballen en één van de voetballertjes struikelt. Een man kijkt het even aan en zegt al gauw; ‘gaat het weer, kan gebeuren, lekker verder voetballen’. Een vrouwelijke collega stuurt gelijk het kind naar binnen om even rustig aan te doen.

Ikzelf, man van 38, sta zelf voor de klas en denk dat de sfeer op scholen verbetert als er meer mannen werken. En ook voor leerlingen is het goed omdat mannen met een ander oog naar het onderwijs en naar de wereld kijken.” Mannen benaderen leerlingen anders  dan vrouwen. Mannen dragen op een andere manier gezag over en dat is belangrijk om te leren, is een van de argumenten. Zo hebben mannen vaak meer overwicht op de soms moeilijke jongens in de klas.

Een ander geluid is dat mannelijke leerkrachten jongens, die doorgaans beweeglijker en fysieker zijn, vaak beter aanvoelen. Door vrouwen worden ze al gauw als ’te wild’ bestempeld. „Een typische vrouwelijke aanpak is: Oei, pas op! Te gevaarlijk. Hou op! Kom daar vanaf! Wees toch voorzichtig! Dit staat haaks op alles wat jongens typeert”. Een ander geeft als voorbeeld: „Mijn kleinzoons moeten nu breien terwijl ze er helemaal niets aanvinden. En dan wordt de juf boos als hun aandacht snel weg is.”

De overgrote meerderheid vindt trouwens dat het niet alleen voor jongens belangrijk is dat er meer mannen voor de klas staan, maar ook voor meisjes. Deskundigen zeggen dat het funest is voor de ontwikkeling van een kind als het in deze belangrijke levensfase helemaal niet in aanraking komt met mannen.

Een interessant filmpje van het Jeugdjournaal.

 

30 mei 2014 |

Hoe werkt het kinderbrein.

Reageren uitgeschakeld

Een heel interessante uitzending van Brandpunt van 13 april 2014.

Opvoeden is voor veel moderne ouders, zo lijkt het, iets geworden als een project. Ze willen dat hun kinderen succesvol zijn, presteren, en ze leggen de lat steeds hoger.  Maar weten ze eigenlijk wel wat er in die kinderkopjes omgaat? Hoe stress, verdriet of ingrijpende gebeurtenissen jonge hersenen voorgoed kunnen beschadigen? De Amerikaans kinderpsychiater en toonaangevend hersenwetenschapper Bruce Perry was afgelopen week in Nederland bij het jaarcongres voor klinisch psychologen. Fons de Poel krijgt een college over het kinderbrein.

http://brandpunt.incontxt.nl/seizoenen/2014/afleveringen/13-04-2014/fragmenten/het-kinderbrein

24 april 2014 |

Een mooi betoog

Reageren uitgeschakeld

Een mooi betoog

Ze staan voor de klas en zorgen voor een goed begin in de onderwijscarrière van je kind(eren): de juffen en de meesters op de basisschool. De tijden zijn veranderd en het wordt ze nogal moeilijk gemaakt: niet alleen de kinderen zijn mondiger geworden, ook de ouders kunnen er wat van. Welke tips hebben hebben de meesters en juffen voor de papa’s en mama’s? Wat willen zij de ouders of verzorgers meegeven? Waar irriteren zij zich aan?  Lees hun adviezen en ga eens bij jezelf te rade.

Lieve ouder(s)…

  1. Leg niet alle problemen neer bij de leerkracht. Het is misschien moeilijk te geloven maar het kan ook echt aan je eigen kind liggen.
  2. Probeer niet alles te bepalen. Ouders hebben vaak een eigen agenda en willen de school helemaal naar hun hand zetten. Ze vinden dat de juf zich maar moet aanpassen aan hun wensen. Willen ze bijvoorbeeld een werkstuk of het huiswerk later inleveren, omdat ze een weekendje weg zijn, dan moet dat volgens sommige ouders kunnen. Een enkele keer is niet erg, maar sommige ouders maken het wel erg bont.
  3. Breng je kind op tijd naar school. Een of twee keer verslapen is niet erg, maar er zijn ouders die er een gewoonte van maken. Je kind staat er dan met schaamrood op zijn kaken en een timide hoofd bij. Dat is echt geen leuk gevoel.
  4. Wil je de juf spreken, vlieg dan niet naar haar toe zodra de bel is gegaan, maar maak een afspraak, dan kunnen wij ook de tijd voor je nemen in plaats van je gehaast staand te woord te staan. En zo kunnen we ook netjes onze leerlingen welkom heten of gedag zeggen.
  5. Mocht er een probleem zijn, bespreek die dan met de desbetreffende leerkracht of ga naar de Ouderraad. Ga niet op het schoolplein met andere ouders roddelen. Zo gaan bepaalde dingen een eigen leven leiden.
  6. Trakteert je kind, zorg ervoor dat je maar een snoepje in de zak doet. Laat de rest bestaan uit een speeltje of gezonde dingen. De kinderen van tegenwoordig zijn soms zo verwend, dat ze helemaal niet blij zijn als we ze op onze verjaardag op een ijsje trakteren. “Is dit alles”, hoor je ze denken. Ze verwachten steeds meer.
  7. Betaal de ouderbijdrage! We weten dat dit een vrijwillige bijdrage is, toch is dit erg belangrijk. We hebben dit geld nodig voor sinterklaascadeautjes of voor uitjes. Ouders betalen vaak wel het schoolreisgeld, maar niet de ouderbijdrage. Ook jouw kind wordt hier de dupe van, omdat we steeds minder kunnen doen vanwege minder geld dat binnenkomt via de ouderbijdrage.
  8. Praat Nederlands in de klas. Ga niet met je kind in je eigen taal communiceren. Je sluit dan de leerkracht uit.
  9. Loop niet te pas en te onpas het klaslokaal binnen, maar maak een afspraak. Je zult niet geloven hoe vaak dit gebeurt. Ouders denken het recht te hebben om je les te verstoren.
  10. Houd op met bemoederen! Doe niet alles voor je kind, zoals aankleden, veters strikken, opruimen of het brood naar zijn mondje brengen. We schrikken er elke keer weer van als we kinderen bij de gymles zien stuntelen tijdens het omkleden. Ook gebruikte spullen netjes op zijn plek leggen, doen velen niet omdat ze gewend zijn dat mama dit voor hen doet. Zelf hun boterham opeten of drinken lukt soms niet. Ouders doen dit allemaal uit gemakzucht omdat ze snel snel met alles klaar willen zijn.
  11. Ga niet fysiek of verbaal te keer waar de kinderen bij staan. Dit gebeurde onlangs nog op het schoolplein. Twee ouders die elkaar in de haren vlogen, vanwege de gescheurde jas van een van de kinderen. Er werd gescholden en een paar klappen uitgedeeld. Dit is zo’n slecht voorbeeld.
  12. Wanneer we een fruitdag op school hebben, geef je kinderen dan ook echt fruit mee. Het is niet leuk als je kind als enige er toch nog met een boterham bij zit. Het zijn vaak dezelfde ouders, ongeveer 20 procent die dit doen. Ondanks waarschuwingen komt er geen verbetering.
  13. Doe niet mee aan een voorkeursbeleid. Misschien mag je de moeder van Pietje of Henkie niet, maar dat betekent niet dat je kind hem dan niet mag uitnodigen voor zijn verjaardagsfeestje. Zet je kind dus niet op tegen andere kinderen. We zien vaak dat kinderen buiten gesloten worden. Ook ouders werken hier aan mee.
8 april 2014 |

Van alles voor het onderwijs

Reageren uitgeschakeld

Welkom op de blog pagina van “Van alles voor het onderwijs”. Dit is een eerste testbericht om een indruk te geven hoe een blogbericht eruit ziet.
Binnenkort starten we hier met een blog vol met handigheidjes en wetenswaardigheden.

15 maart 2014 |